Kernprincipes CTI

Verbinden
In tijd beperkt
Drie fasen
Aandachtsgebieden


Verbinden

CTI is vooral een praktische werkwijze gericht op concrete problemen die zich in de hedendaagse samenleving voordoen. Achterliggende principes sluiten aan bij ideeën over sociale verbanden en over sociale uitsluiting

Lossere sociale verbanden

Een leidende gedachte achter CTI is dat de sociale verbanden in de Westerse samenleving losser worden. Autonomie is een leidend principe in het reguleren van de omgang. Het formele sociale systeem van de hulpverlening is hoog ontwikkeld. Teglijkertijd zijn de informele systemen, zoals familie en buurtverbanden minder belangrijk geworden. CTI functioneert tijdelijk als een informeel systeem. Het versterkt het informele systeem en hecht aan bij de formele systemen.

Sociale uitsluiting

Onze samenleving is hoog ontwikkeld voor zelfstandige, mondige individuen die weten wat zij willen en die voor hun noden bij "aanbieders" terecht kunnen. Dit kan grote problemen opleveren voor personen die om wat voor reden ook minder goed voor hun belangen op kunnen komen, of die een zorgbehoefte hebben die niet naadloos aansluit bij het zorgaanbod. Wie niet binnen de indicatiecriteria past moet zijn heil elders zoeken. Deze systemen van exclusieve zorg sluiten de moeilijk bereikbare doelgroepen uit. Voor hen moet is behoeft aan een aanvullende zorgaanbod van inclusieve zorg. Zorg die gericht is op het handhaven van de verbinding. CTI is gericht op sociale inclusie door actief te werken aan het opbouwen van sociale verbindingen.


In tijd beperkt

Een belangrijk kenmerk van CTI is dat de interventie in de tijd beperkt is. Vanaf het begin van het hulpverleningscontact is duidelijk dat de periode van ondersteuning eindig is. Dit betekent dat doelen in een begrensde periode moeten worden gerealiseerd. Het focus van cliënt en hulpverlener wordt erdoor gericht en de case-load van het team valt te organiseren.

Negen maanden
In de klassieke vorm van CTI is de termijn beperkt tot 9 maanden. In de praktijk is dit meestal lang genoeg om met moeilijke doelgroepen concrete resultaten te kunnen boeken.
Aanpassen van de termijn
Afhankelijk van de aard van de problematiek en van de beschikbare voorzieningen kan het ontwerp van CTI worden aangepast en kan de werkperiode langer of korter zijn. Dit mag echter niet ten koste gaan van de andere werkprincipes. Enerzijds moet de periode lang genoeg zijn om de drie fasen van CTI effectief te kunnen doorlopen. Anderzijds mag de periode niet onbeperkt worden uitgebreid, omdat dit zal leiden tot verlies van focus en teamondermijnende groei van de case-load. Voor veel doelgroepen biedt de periode van 9 maanden een redelijke balans.


Drie fasen

CTI is in de tijd gestructureerd in drie fasen van ongveer drie maanden, die worden gekenmerkt door verschillende taken en uitdagingen. De fasen zijn afgestemd op de veranderende behoeften van cliënten gedurende de toeleidingsperiode. In de fase van de structurering, wordt ondersteuning gegeven en een werkplan opgezet. In de fase van het testen, worden de probleemoplossende vaardigheden van de persoon versterkt en wordt het functioneren van het netwerk uitgeprobeerd. In fase van de overdracht van zorg, worden de verbindingen bekrachtigd en wordt de ondersteuning beëindigd.

Verschuiving van accent

De drie fasen kenmerken zich door een verschuiving van een pro-actieve aanpak in de eerste fase naar een ondersteunende houding in de derde fase. Daartussen wordt de kans geboden om het opgezette netwerk te volgen en aanpassingen te maken op basis van de praktische ervaringen.

Fase 1: structurering

De essentiële taak van de structureringsfase is het opstarten van de overgang naar een nieuwe leefsituatie en een begin te maken met het koppelen van de cliënt aan diensten en personen in de samenleving. In deze periode komt een veelheid aan praktische en emotionele problemen aan de orde, inclusief het helpen van de cliënt met de angsten en uitdagingen waarmee verandering gepaard gaat. De vaardigheden van de CTI-casemanager om om te gaan met de moeilijkheden die inherent zijn aan deze fase zijn van groot belang, net als het vinden van manieren om de krachten te ontdekken en aan te boren die de cliënt in deze nieuwe situatie zal kunnen gebruiken.

Fase 2: testen

De testfase heeft als doel om in de praktijk vast te stellen hoe de cliënt functioneert; om te anticiperen op beperkingen en om de sterktes ten volle te benutten. Om dit te bereiken evalueren de cliënt en de CTI-werker de verbindingen die zijn gelegd. Waar nodig worden aanpassingen gemaakt. De cliënt zal op sommige gebieden meer of minder steun nodig hebben. De CTI-werker volgt de cliënt en staat klaar om in te grijpen of juist een stap terug te doen. Als het goed loopt wordt de cliënt onafhankelijker en zal minder steunen op de diensten van de CTI-werker.

Fase 3: overdracht van zorg

In de fase van de overdracht van zorg wordt de zorg overgedragen en het contact wordt beëindigd. De essentiële taak in deze fase is het bespreken van de lange termijn behoeften van de cliënt en het omgaan met het einde van de relatie. Het kan nog nodig zijn om wat laatste details aan te passen in het ondersteuningssysteem. In de optimale situatie zal alles op dit moment op zijn plaats vallen. Het is belangrijk om alle belangrijke spelers in de behandeling van de cliënt bij elkaar te brengen, om te bespreken wat de cliënt al bereikt heeft en wat de doelen voor de toekomst zijn. De afspraken met de client en de ondersteuners worden op schrift gesteld. De CTI-werker moet in deze hele fase alert zijn op de separatiegevoelens van de cliënt, omdat de beëindiging van de relatie pijnlijke verliezen uit het verleden naar boven kunnen brengen.


Aandachtsgebieden

Omgaan met geld
Woonproblemen
Psychische problemen
Omgaan met verslavende middelen
Familie interventies
Aanleren van vaardigheden

Verschillende aandachtsgebieden zijn belangrijk voor het bereiken van stabiliteit en het vinden van aansluiting in de samenleving. CTI heeft een focus op één of enkele van zes aandachtsgebieden: 1) omgaan met geld, 2) woonproblemen, 3) psychische problemen 4) omgaan met verslavende middelen, 5) familie interventies en 6) het aanleren van vaardigheden. Alle aandachtsgebieden worden in het oog gehouden gedurende alle fases van CTI. De nadruk komt te liggen op één of twee gebieden, afhankelijk van de individuele cliënt. Voor sommige clienten kunnen aanvullende aandachtspunten van belang zijn, zoals bijvoorbeeld beroepsopleidingen, scholing of dagbesteding. De omschreven gebieden kunnen voor verschillende doelgroepen worden aangepast.

Omgaan met geld

Succesvol omgaan met geld is een cruciaal element om te functioneren in de samenleving. De CTI-werker werkt samen met de cliënt aan passende budgettering en houdt toezicht op het welslagen ervan. Wanneer een individuele cliënt niet in staat is zich deze vaardigheid eigen te maken, wordt een alternatieve regeling getroffen. Er kan bijvoorbeeld een begunstigde worden aangesteld die het geld in ontvangst neemt en dit in termijnen aan de cliënt geeft. Het uiteindelijke doel blijft zelfstandige beheer van eigen financiën door de cliënt, hetgeen wellicht bereikt kan worden met oefening in budgetteren. Meer ...

Woonproblemen

Wellicht de belangrijkste voorwaarde om problemen rond huisvesting op te lossen is de wens van de cliënt om over woonruimte te beschikken. Eenheid tussen cliënt en leefomgeving, opgevat als de mate waarin behoeften, mogelijkheden en wensen van de cliënt overeenkomen met middelen, eisen en mogelijkheden van de leefsituatie in de samenleving, kan een beslissende factor zijn in het succes van de cliënt om zijn huisvesting te behouden (Coulton et al., 1984). Voor cliënten die tevreden zijn met hun woonruimte is de kans veel beter dat zij noodzakelijk stappen zetten die nodig zijn om hun leefsituatie te laten slagen. Meer ...

Psychische problemen en medicatiemanagement

Samen met de cliënt wordt verbinding gezocht met diverse vormen van geestelijke gezondheidszorg, afhankelijk van de wensen en de specifieke problemen waar de cliënt mee kampt. De CTI-werker faciliteert de schakel tussen de cliënt en de zorgverlener. Meer ...

Omgaan met verslavende middelen

Problemen met het gebruik van verslavende middelen zijn buitengewoon ernstig en kunnen de effectiviteit van CTI ondermijnen. De oorspronkelijke CTI-studie toonde aan dat de interventie minder succesvol was bij personen met ernstige verslavingsproblemen. Omdat CTI aan een tijdslimiet is gebonden, is de meest praktische aanpak het motiveren en ondersteunen van de cliënt in het veranderen van schadelijk verslavingsgedrag.

Familie interventies

Waar dat van toepassing is, werkt CTI met de familie van cliënten om psycho-educatie te geven op het gebied van de aard en de behandeling van psychische problematiek. Deze educatie bevordert het vermogen van familie om te reageren op crises die kunnen ontstaan als de cliënt zelfstandig in de samenleving functioneert.

Aanleren van vaardigheden

De kern van CTI ligt in het beoordelen, ondersteunen en aanleren van  levensvaardigheden in de samenleving. Verschillende soorten aanpassinggedrag kunnen in de samenleving worden aangeleerd en geoefend, zoals bijvoorbeeld het gebruik van (openbaar) vervoer, koken, persoonlijke verzorging en hoe men zich gedraagt in sociale situaties. Bij de kwetsbare doelgroepen waar CTI zich op richt ontbreken soms elementaire vaardigheden die eenvoudig over het hoofd gezien kunnen worden, maar die de kwaliteit van leven in ernstige mate kunnen beïnvloeden.