Wat is CTI?
Versterken van de formele en informele netwerken
Persoongericht
Toepassing in de OGGZ.
De 8 uitgangspunten van CTI
1. Pro-actieve zorg
2. Kritische momenten
3. In de tijd beperkt
4. Gestructureerd
5. Focus op aandachtsgebieden
6. Therapeutisch houding
7. Aansluiting bij voorzieningen
8. Flexibel aan te passen
CTI biedt ondersteuning aan personen in het aangaan en onderhouden van contacten met het zorgsysteem. In het rijke systeem van onze zorg is het voor de doelgroep soms lastig om de weg te vinden. CTI helpt om de formele relaties met professionele zorg tot stand te brengen. Daarnaast werkt CTI ook aan het versterken van het informele steunsysteem, zoals de contacten met familie of belangrijke anderen. Gedurende een afgeperkte periode bouwt de persoon samen met de CTI casemanager aan een sociaal en professioneel steunnetwerk.
CTI werkt met een persoonsgerichte benadering. De vragen van het individu staan voorop. De persoon wordt ondersteunt in zijn of haar eigen mogelijkheden. Vanuit de eigen kracht van de persoon wordt samen gewerkt aan het overwinnen van obstakels en het realiseren van een betere sociale participatie.
CTI werkt volgens principes van pro-actieve en outreachende zorg. Omdat de doelgroep niet naar de zorg komt, gaat de zorg naar de doelgroep toe. De caseload van een CTI-team is beperkt, zodat intensieve en outreachende zorg met voldoende intensiteit gerealiseerd kan worden.
CTI wordt ingezet op kritische momenten in het leven van de doelgroep. Kritische momenten zijn bijvoorbeeld acute gebeurtenissen of crisissituaties waarbij de problematiek onder de aandacht komt van de hulpverlening. CTI kan bijvoorbeeld worden ingezet bij meldpunten, waar ernstige problematiek voor het eerst wordt gesignaleerd. Kritische momenten kunnen ook overgangsmomenten zijn, zoals bijvoorbeeld de overgang van dakloosheid naar een woning, of de overgang terug naar de maatschappij aan het einde van een detentieperiode. CTI benut het kritische moment of de kritische periode om een proces van toeleiding naar passende steunnetwerken tot stand te brengen.
CTI is in de tijd beperkt. De interventie wordt gedurende een vastgestelde periode ingezet. In het klassieke ontwerp duurt CTI 9 maanden. Afhankelijk van de specifieke doelgroep en de beschikbare zorgvoorzieningen kan de duur van het toeleidingsproces worden bijgesteld.
CTI is gestructureerd in drie fasen: structureren, testen en overdracht van zorg. In de eerste fase ligt het accent op het tot stand brengen van het contact, het systematisch in kaart brengen van de problematiek en het opstellen van een werkplan. In de tweede fase ligt het accent op het uitproberen en bijstellen van het plan in de praktijk. In de derde fase wordt de zorg overgedragen en trekt de CTI-casemanager zich terug.
CTI richt zich op een selectie één tot drie aandachtsgebieden uit zes omschreven gebieden. De klassieke aandachtsgebieden zijn: psychische problematiek, omgaan met verslavende middelen, omgaan met geld, wonenproblemen, familie interventies en aanleren van vaardigheden.
Casemanagers sluiten aan bij de noden van de persoon. Niet de beperkingen, maar de krachten van de persoon staan centraal. Motivationele gespreksvoering is een belangrijk onderdeel van CTI.
CTI maakt gebruik van bestaande zorgvoorzieningen. In een proces dat kan worden aangeduid als "warme zorgtoeleiding" bevordert CTI dat de beschikbare zorgvoorzieningen worden bereikt en dat overgangen tussen voorzieningen goed verlopen. CTI heeft zo een functie in het bevorderen van de toegankelijkheid en continuiteit van de zorg.
CTI is vooral een model van serviceverlening. Binnen de vaste structuur van CTI kan de inhoud van de interventie flexibel worden aangepast aan de specifieke kenmerken en noden van de doelgroep. CTI is oorspronkelijk ontwikkeld voor een doelgroep met chronisch psychotische stoornissen. Omdat deze stoornissen vaak met pieken en dalen verlopen zijn crisiszorg en terugvalpreventie relatief belangrijk in deze vorm van CTI. Andere doelgroepen kunnen om andere interventies vragen. CTI biedt een basisstructuur voor de opbouw van een steunnetwerk. Inhoudelijk wordt de basisstructuur ingevuld op geleide van de specifieke kenmerken en noden van de doelgroep en de zorgomgeving.
De doelstellingen van CTI kunnen worden onderscheiden voor de doelgroep en voor de organisatie.
Doelen voor de doelgroep
Doelen voor de organisatie
CTI deelt een aantal uitgangspunten met ACT. De methodieken zijn verschillend in de duur en in de omvang van de geleverde zorg.
CTI richt zich op het ontwikkelen van een formeel en informeel ondersteuningsnetwerk. Toeleiden naar passende zorg is een belangrijke doelstelling.
ACT biedt langdurige en intensieve zorg aan een doelgroep met angdurige en ernstige psychische handicaps.
De indicatiestelling voor ACT is relatief hoogdrempelig. CTI is geschikt voor een bredere doelgroep. Binnen een zorgsysteem vullen de beide methodieken elkaar aan. Belangrijke overeenkomsten en verschillen staan samengevat in de Tabel.
CTI |
ACT |
|||
| Werkwijze | Pro-actief |
Pro-actief |
||
| Doelstelling | Newtwerk opbouwen |
Behandeling |
||
| Inzet | Focus op toeleiden |
Alle nodige zorg |
||
| Duur | 9 maanden |
Onbeperkt |
||
| Indicatie | Lagere drempel |
Hogere drempel |
||
| Case-load | ‹ 15 |